Huisdier

Mama, ik wil een huisdier.
Sorry schatje, een hond en een poes kunnen niet, dan moeten we ook steeds oppas zoeken als we op vakantie of een weekendje weg gaan, daar beginnen we niet aan.

Knuffelen
Een hamster dan, of een ratje? Of een cavia, of een konijn? Ik wil een konijn, X heeft ook een konijn, alsjeblieft mam!
Nee schatje, ik wil geen dier in een kooi. Dieren horen niet in een kooi.
Een vis dan? Mag ik vissen? Of mag ik een axolotl?
Nee schatje, je wou toch iets om te knuffelen, met vissen en axolotls kun je niet knuffelen. En ik ga echt geen aquarium schoonmaken.
Maar de axolotl van Y krijgt baby’s en hij verkoopt ze en ik wil er eentje mama, PLEASE?
Nee, sorry liefje, geen dieren, ook geen axolotls.

Oneerlijk
Het enige grappige aan deze steeds terugkerende conversatie vind ik het woord axolotl, dat ik stiekem niet vaak genoeg kan zeggen, maar dan toch vooral in de context GEEN AXOLOTLS. Mijn dochter vindt er niets grappigs aan.
Ze stampt boos en verdrietig weg.

Net als ik vroeger, toen ik precies ditzelfde gesprek met mijn eigen moeder voerde, op de axolotls na, want van axolotls had ik nog nooit gehoord.
Ik weet nog hoe ik de onverzettelijkheid van mijn moeder haatte, die vond dat dieren niet in kooien horen, hoe ontzettend oneerlijk ik het vond dat iedereen huisdieren had behalve ik.

Beslissing
Ik snap mijn dochters verdriet.
Ik zal me vast hebben voorgenomen dat als ik zelf later kinderen had, ze alle huisdieren van de wereld mochten.
Maar ik vind nu ook dat dieren niet in kooien horen. En een poes zou ik nog wel willen, maar mijn vrouw niet, die wil een hond, en dat wil ik niet.

We beloven een definitieve beslissing, om van het gezeur af te zijn, en bespreken de kwestie eerst zonder haar.

‘Als er een huisdier komt,’ zo stel ik, ‘hou ik me er verre van. Ik maak geen kooien schoon, ik verzorg niets, en ik ga ook geen oppas regelen als we met vakantie gaan. You’re on your own.’
Ik ken een stel dat op die manier kinderen kreeg. Hij zegde met tegenzin toe, onder de voorwaarde dat hij geen enkele verantwoordelijkheid voor het verschonen en voeren zou dragen, en aldus geschiedde.

Ratje
Mijn vrouw vindt het verdriet van onze dochter vele malen zieliger dan dieren in kooitjes. Maar ze ziet toch ook wel tegen het gedoe op.
Er komt geen huisdier, besluiten we. De discussie is nu definitief beklonken. Het hoge woord moet eruit.
Poot stijf houden, even doorbijten, de toorn van ons kind weerstaan.

Ik doe de mededeling.
Huilend vertrekt dochter naar boven.

‘Ik beloof dat we het er toch nog een keer over zullen hebben, oké?’ roept mijn vrouw er achteraan.

Ik hoop dat ze een ratje kiezen, dan kan ik er lekker mee knuffelen als iedereen van huis is.